Weg met consumentenvertrouwen, leve de verstandige consument!

Het vergt soms heel wat om als niet-econoom nog te begrijpen wat er in de wereld aan de hand is. Maar je let extra goed op, doet je best er iets van te begrijpen, en zo nu en dan lijkt er een straaltje licht door te breken: “Aha, er is iets mis met het consumentenvertrouwen”, besef je dan. “Ja, natuurlijk. Als niemand meer iets wil kopen, valt de vraag uit. Dan kunnen bedrijven hun productie niet kwijt. Daardoor daalt de omzet en stijgt de werkloosheid.”
Ziedaar hoe ons op de beeldbuis het voortduren van de crisis in een notedop door economen, reporters, statistici en politici wordt verklaard. En ik? Ik begrijp het nu ook! Tja, denk ik: “het consumentenvertrouwen, konden we daar maar wat aan doen…”

Foto Arnold Heertje door Jos van Zetten, Creative Commons licentie

Professor Heertje gaf mij mijn zelfvertrouwen weer terug (foto: Jos van Zetten)

Het perspectief van de consument zelf
Tot gistermiddag. Ik lees een column van prof. Heertje op rtlz.nl en wat zegt hij daarin? “In een wereld die bol staat van schulden past de consument er voor als aanjager van economische groei op te treden. Consumenten [in feite: wij dus] blijven gericht op het verminderen van schulden en het versterken van hun financiële reserves. Wereldwijd wordt er door consumenten meer gespaard.”
Tja, denk ik, “dat zou ik óók doen”: een beetje voorzichtiger zijn met uitgeven, het zekere voor het onzekere nemen, en wat meer sparen, zodat je iets achter de hand hebt. Ik zie dat vrienden en familie om mij heen net zo reageren. De consument ìs niet gek. Hij is op zijn eigen manier hard bezig de lessen van de crisis te verwerken.

Mijn overbodige ontzag voor de economie
Ik had het zelf kunnen bedenken! Maar in mijn respect voor een wetenschap die ik zelf niet heb gestudeerd, liet ik mij leiden door de dagelijkse economische commentaren in de krant en op de beeldbuis.
Gelukkig, dankzij Heertjes nuchterheid heb ik als niet-econoom weer een stukje van mijn zelfvertrouwen teruggewonnen.
Natuurlijk heeft hij gelijk: (A) Het consumentenvertrouwen loopt terug. Dat is een simpele statistische zaak, dat wil ik nog wel aannemen van iemand die er voor heeft doorgeleerd.
Maar nu (B): Dat is geen slechte, maar een goede zaak!
En dát hadden we allemaal zelf kunnen bedenken. Want wij zijn zelf die consument, die goede redenen heeft om zijn hand op de knip te houden en wat zuiniger aan te doen. Maar in plaats van daar trots op te zijn (op ons eigen gezonde burgermansverstand welteverstaan), laten we ons door dwaze economen aanpraten dat wij met onze angsten er de oorzaak van zijn dat de crisis almaar voortduurt. Omdat wij ons consumentenvertrouwen zijn kwijtgeraakt…

Zullen we het consumentenvertrouwen maar vergeten?
Dit leidt onvermijdelijk tot conclusie (C) – nog steeds met dank aan professor Heertje (er zijn dus ook goede economen): de oplossing van de crisis, c.q. het herstel van de vraag, gaat er dus niet komen door het consumentenvertrouwen te verbeteren!
Want (ik ga mezelf herhalen), daar is de consument, daar zijn wij dus, gewoon te slim voor.

Blijft over (D): hoe gaan we het dan wel doen? Heertje suggereert om vooral te investeren in duurzaamheid. Dat kan op individueel niveau (isolatie van je huis bijvoorbeeld) en op landelijke schaal (door overheidsbeleid).

Kijk, dat zou het begin van een verstandige discussie kunnen zijn. Nog beter zou zijn om eens na te gaan welke investeringen het meeste ons geluk zouden bevorderen.

Dit bericht is geplaatst in Beleid, Economie met de tags , , , . Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *