Het geluk van de hypotheekrenteaftrek (2) of is het omgekeerd?

GELUK in de POLITIEK (8).

Vervolg vuistregel 3: Het gaat om de marginale opbrengst aan geluk

In deze serie blogs probeer ik tot vuistregels te komen, die geluk in de politiek hanteerbaar maken.

Hiervoor bespraken we:
Vuistregel 1: Beleid beoordelen vanuit geluk kan heel goed ‘op proef’.
Vuistregel 2: Het gaat om ‘geluk’ in samenhang met andere factoren
Deze keer bespreek ik het vervolg van:
Vuistregel 3: Het gaat om de marginale geluksopbrengst.
Nog steeds met de ‘hypotheekrenteaftrek’ als voorbeeld, net als in de voorafgaande blog:
Het geluk van de hypotheekrenteaftrek, ofwel schaterlachen om 14 miljard.”

Hypotheekrenteaftrek als inkomenspolitiek?
Volgende keer laten we alle naivïteit varen en acccepteren de hypotheekrenteaftrek gewoon zoals hij is, schreef ik aan het eind van de vorige blog: namelijk als verkapte inkomenspolitiek. En we gaan na wat daarvan de ‘marginale geluksopbrengst’ is.

Was dat niet een beetje brutaal? Mag je dat zomaar zeggen over een regeling die officieel bedoeld is om het woningbezit te bevorderen?

Er zijn twee sterke argumenten voor deze vrijmoedigheid:

  1. In de vorige blog bleek al dat de regeling totaal niet doet waarvoor hij is beoogd, en eerder een effect in tegengestelde richting heeft. Wanneer een regeling aantoonbaar niet doet wat hij zegt te doen, is het wetenschappelijk gerechtvaardigd om te kijken wat hij dan wel doet.
  2. Door te kijken naar de maatregelen die worden voorgesteld als de renteaftrek (gedeeltelijk) wordt opgeheven of wanneer deze (al dan niet gedeeltelijk) zou worden opgeheven, dus door te kijken naar wat er in de plaats van de hypotheekrenteaftrek zou komen, kunnen we indirect zien welk doel hij dient.

Bij een regeling die niet aan zijn doel beantwoordt, is het logisch om deze óf op te heffen óf te vervangen door een regeling die het beoogde doel wél bereikt. Je kunt pleiten voor het geleidelijk afbouwen ervan, desnoods in 20 jaren, maar dat doet geen afbreuk aan het principe: een regeling die niet aan zijn doel beantwoord (en ook nog eens veel kost) moet je schrappen.

Laten we nu eens kijken hoe dit bij de hypotheekrenteaftrek werkt:

In het regeeraccoord is afgesproken dat het maximale aftrekpercentage in heel kleine stapjes wordt verlaagd. Dit levert op den duur ruim 700 miljoen op. Maar – nu komt het – die wordt niet gebruikt om het overheidstekort te verkleinen, want de opbrengst “sluizen we jaarlijks budgettair neutraal terug naar de groep die door de maatregel geraakt wordt” (zie het Regeerakkoord 2012 op p. 35).

Wie iets aan hypotheekrenteaftrek kwijtraakt, mag er dus zelfs op langere termijn niet in inkomen op achteruitgaan. Niet alleen het kabinet, maar ook het (in andere opzichten prijzenswaardige!) plan Wonen 4.0 van de Vereniging Eigen Huis, de makelaarsorganisatie NVM, de Woonbond, de koepel van woningbouwcorporaties Aedes vindt dit (p.18).

Er is maar één conclusie mogelijk. De renteaftrek voor een eigen woning heeft in de loop der jaren een kennelijk zwaarwegend nevendoel gekregen: het verschaffen van inkomensvoordeel aan mensen die reeds een huis bezitten.

We zullen deze regeling hierna dus beoordelen op de vraag in hoeverre dit doel aan het geluk van de Nederlanders bijdraagt.

• Het zal niemand verbazen dat het voordeel van de hypotheekrenteaftrek vooral terecht komt bij de hogere inkomensgroepen.
Die hebben immers het geld om duurdere huizen te kopen en kunnen dus vanzelf ook meer aftrekken, zoals onderstaande CBS-grafiek laat zien. De mate waarin, zal je misschien wel verrassen.

Hoe hoger het inkomen, hoe groter het voordeel van de renteaftrek

   (Klik op de grafiek voor de officiële bron. Ik heb hem een kwartslag gekanteld.)

• Het zal ook niemand verbazen dat de marginale invloed van inkomen op geluk, naarmate het inkomen hoger wordt, steeds kleiner wordt.
Wanneer je geluk meet als “emotional well-being” is volgens Nobelprijswinnaar Kahneman vanaf een inkomen van ongeveer 55.000 dollar het marginale effect zelfs nihil. In het CBS-plaatje hierboven zou dit voor de bovenste vijf groepen gelden.

Je kunt de grootte van dit marginale effect óók in een grafiek zetten. Die zou dan ongeveer het spiegelbeeld zijn aan de CBS-grafiek, dus juist van hoog naar laag lopen.
(Als je het onderzoeksresultaat exact naar Nederland gaat vertalen, gebeurt er trouwens iets komisch. Dan wiebelt het bedrag dat ons gelukkig kan maken mee met de wisselkoers van de dollar naar de euro. Vandaag zou het ruim 42.000 euro zijn, maar morgen is het misschien meer… Gelukkig komt het niet aan op exacte getallen, het gaat om het idee.)

Nu komen we bij de crux:

• Die is dat we de twee bovengenoemde zaken met elkaar moeten combineren!

Dan zien we: het zijn de mensen bij wie extra inkomen het minst aan geluk toevoegt die dankzij de hypotheekrenteaftrek het meeste voordeel aan inkomen ontvangen.

Let wel, dat is niet ‘omdat ze het verdiend hebben’, het is ‘omdat ze een huis hebben’.

Als je dit ook in een grafiek wilt zetten, zou je een grafiek krijgen met een glijbaan:

Hoe meer de overheid uitgeeft, hoe minder geluk het oplevert

 

 

 

 

 

 

(De ‘ruwe bedragen’ zijn om een idee te geven, en in lijn met de CBS-gegevens. De bovenste 5 van de 10 inkomensgroepen verdienen gemiddeld ongeveer tussen de 3000 en 6000 euro per jaar aan de hypotheekrenteaftrek. Gemeten in emotional well-being zou het gelukseffect zelfs bij ongeveer 3000 euro al naar nul gaan.)
Ofwel hoe hoger het bedrag dat de overheid jaarlijks via deze regeling aan iemand geeft – hoe lager de geluksopbrengst per euro!

En dit als neveneffect van een regeling die eigenlijk voor iets totaal anders is bedoeld.
De beleidslogica hiervan is ronduit absurd.

Focussen op geluk, leidt dus niet tot een soft en fuzzy, maar juist tot een extra scherp beeld van politiek en beleid. Soms doet het pijn aan de ogen.

Volgende keer rond ik deze serie waarschijnlijk in één keer af met de andere vuistregels.

Dit bericht is geplaatst in Beleid, Economie, Politiek, Woningmarkt met de tags , , , , , , , , , , . Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *