De Geluksroute als fenomeen — waarom geluk een blijvende zaak is

Geluksdoctorandus doet mee aan de Geluksroute Den Haag

Stel je eens voor dat we op het Journaal de ontwikkelingen zouden zien die de wereld echt beïnvloeden. Niet alleen de rampen, de schandalen en de doodlopende paden. Nee, ook de nieuwe wegen en stroompjes van mensen die proberen de wereld op hun manier iets beter te maken. Stroompjes en mensen die vroeg of laat bij elkaar komen en sterker worden.
Gelukkig wachten zij niet tot er iets over geluk in Het Journaal te zien valt. Maar het kan misschien toch stimuleren, om nu al een beeld te krijgen van wat er allemaal gaande is op het gebied van geluk. Lees verder als je wilt weten wat er in deze tijd werkelijk aan het veranderen is.

Geluksroute: geven uit overvloed
We beginnen met een voorbeeld: de Geluksroute. Dat is echt een fenomeen van de laatste tijd, dat telkens in een andere stad plaatsvindt. Alleen — het is géén city marketing, géén liefdadigheid, en géén demonstratie. Er wordt voor niemands belangen opgekomen, noch een politiek ideaal nagestreefd. Nee, het thema is – in crisistijd nog wel – “Geluk delen uit overvloed”.

Wie mee wil doen, beslist dat zelf, en alles is in principe kostenloos. Toch lukt het op die manier in steeds meer steden om een dag of een weekend lang een allerlei gevarieerde geluksactiviteiten gratis aan een groot publiek te bieden. Ze noemen het co-creatie. Sociologen en trendwatchers, let op: hier gebeurt iets nieuws op een nieuwe manier

Geluk en Happinez zijn ‘in’, maar waar gaat het eigenlijk over?
We gaan verder. Zo’n fenomeen als de Geluksroute is natuurlijk mogelijk omdat geluk als thema leeft. Er wordt veel over geschreven in de media. Er is zelfs een apart blad dat Happinez heet. Toch heerst daarbij nog veel misverstand. Geluk is niet alles wat mooi, lekker of zelfs maar vertederend en onroerend is.

Een heel genre gelukskritikasters probeert ons uit te leggen dat pijn en tegenslag ook bij het leven horen. Dat het niet alleen aankomt op fijn en lekker, maar ook op zin en betekenis. En ze hebben gelijk!
Geluk is juist een toestand van langere duur. Het zit dieper dan onze dagelijks wisselende gevoelens en stemmingen. Geluk kan gevoed worden door mooie ervaringen — maar het valt daar niet mee samen. Sterker nog, door pijnlijke ervaringen op een goede manier te verwerken, kan iemand óók gelukkiger worden.

Geluksonderzoek
Veel van de recente aandacht voor geluk komt uiteindelijk voort uit het onderzoek daarnaar. Dit is echt van niet te onderschatten betekenis. Zo saai en droog als onderzoekers mogen lijken, ze creëren facts on the ground (ofwel wetenschappelijke inzichten), waar op den duur niemand omheen kan. Een enkel onderzoek mag zo nu en dan dwaas of oppervlakkig zijn, al het geluksonderzoek bij elkaar is inmiddels zo sterk dat het hele vakgebieden als de psychologie en de economie dwingt tot een andere kijk.

Nederland voorloper
Terwijl niemand het doorheeft, vervult Nederland in veel opzichten een voortrekkersrol. Drie belangrijke internationale congressen (!) over geluk werden het afgelopen jaar in Nederland gehouden. Een (vierde) conferentie over geluk en onderwijs vindt op 26 september in Den Haag plaats.
Niet alleen hebben we een eigen geluksprofessor (Ruut Veenhoven), maar deze maakt inmiddels deel uit van een heel instituut van gelukseconomen (EHERO) aan de Erasmus Universiteit. In Twente werd onlangs de eerste Nederlandse hoogleraar Positieve Psychologie benoemd (Jan Walburg). Groningse onderzoekers doen bijv. onderzoek naar geluk in de geschiedenis en aan de VU in Amsterdam wordt onderzoek naar geluk vanuit de genetica gedaan.

Filosofie: van moraal naar geluk
Net als wetenschappers hebben filosofen decennialang het onderwerp geluk links laten liggen. Filosofen deden wel aan ethiek en moraal. Dat gaat over hoe mensen met elkaar zouden moeten omgaan. Maar hoe mensen met zichzelf omgaan, waren ze even helemaal vergeten. Tegen het eind van de vorige eeuw kwam daar verandering in. Een groeiend aantal filosofen krijgt sindsdien belangstelling voor levenskunst en voor thema’s als welzijn en geluk.

Welvaart, welzijn en kwaliteit van leven — komen uit bij geluk
De filosofie is als het ware de spin in het web van de wetenschappen. Juist bij geluk kun je dit goed zien. Economen vragen zich af wat (brede) welvaart of wat nut is. Sociologen doen hetzelfde met welzijn. Dan heb je nog de geneeskundigen en de psychologen. Die raken steeds meer geïnteresseerd in kwaliteit van leven. Maar als je een tijdje doorvraagt (wat filosofen immers doen), komen ze allemaal uit bij de vraag wat is geluk? Je kunt letterlijk zien dat al die discussies in elkaar over lopen.

Anders gezegd: geluk is zo populair dat het steeds meer bijnamen krijgt. Als je een paar van die bijnamen onthoudt, zul je zelf merken hoe vaak het over geluk gaat!

De economie klopt niet meer
Op het eerste gezicht komen economische inzichten vaak voort uit berekeningen. Maar omdat je niet alles zeker kunt weten, zijn in die berekeningen vaak vooronderstellingen aangenomen. Over hoe mensen in elkaar zitten. Waarom ze dingen doen en door welke motieven ze zich laten leiden. Volgens belangrijke economen was (tot voor kort) de mens een heel rationaal wezen, dat altijd uitwas op eigen gewin. Daar blijkt dus niets van te kloppen, zegt de gedragseconomie inmiddels. En als het wel zou kloppen, zouden ze er niet gelukkig van worden, weten we nu ook. Kortom, geluksonderzoek en gedragseconomie versterken elkaar in hun kritiek op de orthodoxe economie. En dat werd hoog tijd ook. Het wachten is nu nog op de nieuwe versie…

Economie is eigenlijk gelukswetenschap
Maar onze inzichten zijn nog dieper gegaan in de laatste jaren. We kunnen natrekken hoe de economische wetenschap is ontstaan. Dat is begonnen rond het jaar 1800, de tijd van de Verlichting. Dat is de tijd waarin bijna alle sociale wetenschappen zijn begonnen. Er was zelfs even sprake van een morele wetenschap en van een gelukswetenschap. Die zijn er niet gekomen. Maar zelfs economen meenden in het begin dat hun wetenschap vooral om het maatschappelijk geluk zou moeten draaien.

In de loop der jaren is dat er niet van gekomen, maar je kunt historisch natrekken dat geld in de economische wetenschap aanvankelijk werd gezien als een indicator van geluk. Anders gezegd, de economische wetenschap was eigenlijk bedoeld als gelukswetenschap. Misschien dat ze die rol in de komende decennia nog eens terugvindt…

We zijn rijker geworden
Geluk leeft natuurlijk ook als thema, omdat we in het Westen almaar rijker zijn geworden. Veel mensen merkten in hun eigen leven dat die rijkdom niet automatisch tot meer geluk leidde en zijn in andere richtingen gaan zoeken.
Is geluk daarmee een luxethema? Niet echt, tenzij je daarmee óók wilt verklaren dat geluk in de 18e eeuw (!) al een belangrijk discussiethema was! En ook niet als je ziet hoeveel mensen ondanks hun overvloed, nog steeds wel aan inkomen, bezit en vermogen zijn gehecht. Er is dus iets meer nodig dan luze alleen.

Wijsheid uit het Oosten is gewoon geworden
Maar ik vergeet nog iets. We zijn een mondiale samenleving geworden. Dat brengt ons de kippengriep uit China en terrorisme uit het Midden-Oosten. Maar het bracht ons ook yoga en Boeddhisme uit India, of tai chi, chi kung en Taoisme uit China. Honderdduizenden mensen, misschien wel miljoenen, zijn hiermee in aanraking gekomen. En niet langer als ‘contact met een heidense (niet-christelijke) beschaving’, maar gewoon in de sfeer van een cursus of een workshop.
Ze leerden ze een andere manier om naar hun lichaam, hun leven en geluk te kijken. Voor veel van hen zijn de inzichten uit de gelukswetenschap helemaal niet zo nieuw. Maar die twee ontwikkelingen versterken elkaar wel.

De 123-theorie
Al die stroompjes gaan in een vergelijkbare richting. Zou je dit op een nog dieper niveau kunnen analyseren? Ik denk het wel — en dan word je pas echt optimistisch!

Er zijn globaal genomen drie manieren waarop mensen in het leven staan. Iedereen gebruikt ze alledrie, maar de een of de andere kan meer of minder overheersen of verwaarloosd worden. Die drie manieren vinden we terug in de grammatica:

1. Als je vanuit de eerste persoon (‘ik’) in de wereld staat, gaat je aandacht vooral naar jezelf toe en naar wat er binnen je eigen geest en lichaam gebeurt.

2. Als je vanuit de tweede persoon (‘jij’) in de wereld staat gaat je aandacht naar andere mensen toe en naar de relatie met hen.

3. Als je vanuit de derde persoon (‘hij’ en ‘het’) in de wereld staat, zie je de mensen en de dingen om je heen als middelen om je eigen doelen te bereiken.

Deze indeling bedenk ik niet zelf. Hij is afkomstig van de bekende Duitse filosoof Jürgen Habermas. (Maar ik maak het een stuk eenvoudiger dan hij dat doet.)

• Eeuwenlang hebben we vooral vanuit de tweede en de derde persoon in de wereld gestaan. In dingen ontwerpen en maken zijn we heel goed geworden. We hebben perfect geleerd om de wereld voor onze doelen en ons comfort te gebruiken.

• Ook in de tweede persoon zijn we een eind gekomen. Veel verder dan de meeste mensen beseffen! We kunnen goed samenwerken, over hele grote gebieden heen. En als je door de resterende, regionale oorlogen heenkijkt, zijn we ook in moreel opzicht ver gekomen.
Het overgrote deel van onze samenlevingen is vreedzaam. Tal van menselijke verhoudingen (zoals kopen, lenen, verhuren) worden geregeld door een immens rechtssysteem, waarbij in principe ieder mens evenveel waard is. Er zijn mensenrechten, die aan ons hele internationale systeem ten grondslag liggen, en er is zelfs oorlogsrecht (en wie zich daar níet aan houdt, door krijgsgevangenen te onthoofden, oogst wereldwijd afschuw — zoals je kunt zien als je door de Journaalbeelden heen kijkt!)

• Maar die eerste persoon. Hoe gaan we gezond om met ons eigen lichaam en met onszelf? (En in samenhang daarmee ook met anderen.) Zoals ik al zei, waren zelfs de wetenschap en de filosofie die vraag tot het laatste deel van de vorige eeuw bijna helemaal vergeten. Inmiddels is dat onderwerp niet meer weg te denken, al krijgt het nog niet de aandacht die het echt verdient.

Aan de interesse voor geluk en levenskunst zien we dat dit eerste persoons perspectief nu ook maatschappelijk is gaan leven. Misschien wel voor het eerst in de geschiedenis in zo’n brede zin!

Als je het op een lange, bijna evolutionaire, schaal bekijkt, zou het uniek zijn als we deze stap nu met zijn allen gaan maken. Of dat echt gaat lukken en hoe lang het gaat duren? Geen idee. Maar het goede nieuws is: we zijn eraan begonnen!

Dit bericht is geplaatst in Geluk in de Stad, Geluksinitiatief met de tags , . Bookmark de permalink.

2 reacties op De Geluksroute als fenomeen — waarom geluk een blijvende zaak is

  1. Lucy Spoelstra schreef:

    Vooral het belang om ook vriendelijk met jezelf te kunnen omgaan, zelfcompassie te hebben ipv altijd maar kritiek, daar besteed ik veel aandacht aan in mijn gelukskundecursus. Ik merk, dat mensen dan vaak nog de neiging hebben om dat te vertalen met egocentrisch zijn. Ik probeer dan duidelijk te maken, dat wie zichzelf helemaal kan accepteren, met kwaliteiten én schaduwkanten, daardoor niet alleen milder wordt voor zichzelf, maar juist ook naar anderen toe. Dat kan dan weer bijdragen aan een vriendelijker en meer vreedzame samenleving.
    Overigens: reken je Buber en Levinas tot de filosofen, die de eerste aanzet tot deze richting gaven?

    • geluksdoctorandus schreef:

      Ja, dat werkt vaak zo, Lucy! Het lijkt zo paradoxaal, maar het is zo’n waardevol inzicht.

      Buber en Levinas, ken ik eerlijk gezegd niet zo goed. Ze staan meer bekend als filosofen die vinden dat we ons om “de ander” moeten bekommeren, dan als echte levenskunstfilosofen. Daarbij denk ik vooral aan mensen als Wilhelm Schmid of, in Nederland, Joep Dohmen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *