Effectief altruïsme laat modernisering van het utilisme zien

Aristoteles, Kant, Nietsche, Bentham
Denk niet dat effectief altruïsme een geheel nieuwe stroming is. Het is vooral een heel interessante terugkeer van het utilisme (ook wel utilitarisme genoemd) uit de tijd van de Verlichting. Maar dan wel in een andere, modernere vorm. Die heeft veel met geluk te maken. In dit artikel laat ik deze historische verbindingslijnen zien.
Dit artikel is een vervolg op en een toelichting bij het interview van Nicole Mulders met directeur Sjir Hoeijmakers van Effectief Altruïsme Nederland.

Wat zijn de gevolgen?

Sla vandaag de dag een inleidend filosofisch boek over ethiek open en je zult daarin twee of drie hoofdstromen aantreffen. Vrijwel altijd gaan die terug tot Kant en Aristoteles. De Kantiaanse ethiek heeft te maken met principes. Die van Aristoteles met deugden. Soms tref je als derde nog de levensfilosofie van Nietsche aan. Daarin staat authenticiteit centraal.
Bijna niemand zal zich realiseren dat er een belangrijk perspectief ontbreekt. En wel dat waarin je de gevolgen van verschillende keuzes (handelingen, beleid of investeringen; ook sociale investeringen) tegen elkaar afweegt. En dat is nu juist het perspectief dat we in het dagelijks leven – van vader of moeder tot beleidsmaker – het meest nodig hebben!

Nut = utiliteit = geluk

Toch is er wel degelijk een filosofie die zich daarmee bezighoudt. Dat is het utilisme. Hooguit economen spreken tegenwoordig echter nog over nut of utiliteit, en voor hen betekent het weinig meer dan financieel voordeel. (Waardoor andere mensen op hun beurt weer een afkeer van ‘nut’ en ‘utiliteit’ hebben gekregen.)
De oorspronkelijke betekenis van nut is echter synoniem aan geluk! Iets heeft pas nut, wanneer het tot een beter (c.q. gelukkiger) leven leidt. Op grond daarvan zal een utilist dus ook de gevolgen van verschillende plannen met elkaar vergelijken.

Bijna verdwenen uit de morele filosofie

Aan de ethiek van Kant, Aristoteles of Nietsche heb je daarbij niet genoeg. Want de juiste principes, de mate van deugdzaamheid of authenticiteit van de opsteller zeggen vrijwel niets over hoe je de beoogde gevolgen van een plan, zeg maar het nut ervan, moet afwegen.  Dat doet alleen het utilisme.
Maar juist die utilistische filosofie, die wij bij het maken van plannen en beleid zo goed kunnen gebruiken, is grotendeels uit de leerboeken voor moraal en ethiek verdwenen. Op zijn best vind je meestal een historische samenvatting van Jeremy Bentham (1748 – 1832) of John Stuart Mill (1806-1873).
Hoog tijd dus om dit gedachtengoed weer op te halen én bij de tijd te brengen! Dat zou ook wel eens kunnen helpen om de morele filosofie een stuk ‘nuttiger’ voor ons gewone leven te maken.

Wedergeboorte met dank aan Peter Singer

Dit boek van Peter SInger gaf de aanleiding tot de effectief altruïsme bewegingInmiddels is het utilisme een nieuwe periode ingegaan. Een centrale rol daarin speelt de Australische ethicus en moraalfilosoof Peter Singer (1946). Met zijn boek ‘The Life You Can Save’ (2009) zette hij een probleem, waar bijna niemand meer belangstelling voor had, opnieuw krachtig op de kaart: Wat kunnen wij bijdragen aan het oplossen van grote problemen, zoals armoede, ook als die zich ver van ons bed bevinden?

Met een heldere redenering en simpele rekensommen liet hij zien hoe zelfs een beperkte mate van financiële vrijgevigheid, al een groot effect op het menselijk welzijn in de wereld heeft. Veel groter dan wanneer wij datzelfde geld anders besteden.
Ook pleit hij ervoor om aan doelen te geven die verhoudingsgewijs het meest effectief zijn in het bestrijden van onheil (zoals armoede en vermijdbare ziekte). Kosten-baten-analyse dus, maar dan toegepast op liefdadigheid en gemeten in termen van menselijk welzijn. Met als doel: zoveel mogelijk goeds per gedoneerde euro.

Beter onderzoek naar ontwikkelingsprogramma’s

Onafhankelijk daarvan kwamen twee onderzoekers, Banerjee en Duflo, met een nieuwe benadering voor het onderzoeken van ontwikkelings-programma’s. Zij vonden dat je hierbij, net als bij geneesmiddelen, een experimentele groep (waarbij er iets werd uitgeprobeerd) én een controlegroep (waarbij er niets veranderde) nodig had. Dat leidde tot opmerkelijke inzichten over de opbrengsten van zulke programma’s. (Zie: Poor Economics: A Radical Rethinking of the Way to Fight Global Poverty, 2012.)

Effectief altruïsme: praktische ethiek + onderzoek

Effectief altruïsme werd in dit boek voor het eerst als naam van een nieuwe benadering gebruiktGeïnspireerd door Singer, evenals door Banerjee en Duflo, richtten twee Oxford-filosofen, William Mac Askill (een Schot) en Toby Ord (een Australiër) een organisatie op: Giving What We Can.
Later schreef Mac Askill een boek waarin hij het ethische en het onderzoeksperspectief combineerde in een systematische benadering: Doing Good Better, Effective Altruism and a Radical New Way to Make a Difference (2015).

Maximaal effectief in je werk

Effectief altruïsme kun je ook gebruiken bij het kiezen van je carrière of loopbaanMaar hij bedacht nog een terrein waarop je systematisch je invloed om goed te doen, kunt aanwenden: ook je loopbaan kun je vanuit effectief altruïsme bekijken. Kijk maar eens op: https://80000hours.org. (Het getal 80.000 is een schatting van het aantal werkzame uren in je leven.) Benjamin Todd schreef het bijpassende boek: 80,000 Hours. Find a Fulfilling Career That Does Good (2016).

Ook Peter Singer stond niet stil. Hij publiceerde in 2015 zijn eigen overzichtsverhaal over de nieuwe beweging: The Most Good You Can Do. How Effective Altruism Is Changing Ideas About Living Ethically.

Sturen op geluk en effectief altruïsme

Peter Singer's nieuwste boek over effectief altruïsme is ook in het Nederlands verschenenEffectief altruïsme is een verhaal op zichzelf, zeker als je het combineert met het artikel van Nicole Mulders. Ik wil nog een stap verdergaan en erop wijzen dat het effectief altruïsme dicht in de buurt komt van ‘sturen op geluk’ als leidraad voor beleid. Ook dat is in veel opzichten een voorbeeld van modern utilisme. Ook daarin wordt, door mensen als de econoom prof. Richard Layard, gepleit voor een nieuwe vorm van kosten-baten-analyse. En als je naar zijn filosofische achtergrond kijkt, zie je dat Singer niet de conventionele economie – waarin de ‘preferenties’ van consumenten voorop staan –, maar de menselijke gevoelstoestand – die je bijv. met geluksonderzoek kunt meten – als uitgangspunt neemt. (Zie zijn meer theoretische boek: The Point of View of the Universe. Sidgwick and Contemporary Ethics, 2014)

Na bijna 200 jaar… Benthams Verzamelde Werken

De laatste reden waarom je waarschijnlijk meer van het utilisme gaat horen, is een andere. De grondlegger daarvan was destijds de Engelsman Jeremy Bentham. Hij schreef veel, maar warrig. Nogal wat van zijn geschriften zijn uiteindelijk niet gepubliceerd of intensief bewerkt door de uitgevers. Mede doordat het utilisme in onbruik raakte, heeft Benthams werk jarenlang stof vergaard. Maar de officiële uitgave van zijn Verzamelde Werken is inmiddels – bijna 200 jaar later! – aardig op weg. Daaromheen komt ook zijn levensgeschiedenis steeds scherper in beeld.
Voeg dit bij de inhoudelijke vernieuwingen die ik hiervoor beschreef, en er is weer, klein maar gestaag, een nieuwe stroom van interessante publicaties gaande. Je zou dit een soort wedergeboorte van het utilisme kunnen noemen.

Geluksfilosoof werd “wetgever van de wereld”

Als een effectief altruïst avant la lettre koos Bentham ooit heel bewust zijn carrière. Hij dacht dat hij door het maken van wetten te beïnvloeden de meeste impact zou hebben. In zijn tijd, maar misschien zelfs nu nog, was dat geen gekke gedachte. In steeds meer landen werden toen koningen en keizers ingetoomd door parlementen of zelfs vervangen door burgers die vanaf dan hun eigen wetten wilden opstellen.

Bentham schreef niet alleen over de filosofie van het geluk. In het verlengde daarvan gaf hij adviezen – telkens met geluk als leidraad – voor nieuwe wetten in Frankrijk (waar hij tijdens de revolutie tot ereburger werd benoemd), Portugal en Spanje, en later het van de Turken bevrijde Griekenland. In diverse Latijns-Amerikaanse landen, die zich net van Spanje hadden losgemaakt, was hij een beroemdheid. Aan het eind van zijn leven werd hij geprezen met de eretitel ‘Wetgever van de Wereld’.

Inderdaad, nadenken over een betere wereld met meer geluk erin, is zo gek nog niet.

Wandelend Verkeerslichtmannetje uit DDR (groen)Zie ook het bijpassende interview van Nicole Mulders met Sjir Hoeijmakers (directeur van Effectief Altruïsme Nederland).

Dit bericht is geplaatst in Ethiek en moraal, Gelukseconomie met de tags , , , , , , , , , , , , , , , . Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *