Eerherstel voor ongelukkigen

Boekbespreking van ‘Ongelukkig zijn. Een aanmoediging’ door Wilhelm Schmid.

Er zijn van die dagen dat een mens zich gewoon ongelukkig voelt. Het zit tegen, het zit misschien al langer tegen, en het weer is ook nog eens grijs en nat. Soms ook is er geen reden om ongelukkig te zijn, maar ben je het gewoon. Het laatste waar je in elk geval behoefte aan hebt, is om opgemonterd te worden door iemand die je vertelt dat het glas half vol is, of dat het allemaal wel meevalt. Soms moet een mens gewoon ongelukkig kunnen zijn.

“Het is vandaag mijn dag niet”. Zo begint het nieuwe boek van Wilhelm Schmid, dat als uitdagende titel heeft ‘Ongelukkig zijn. Een aanmoediging.’ En het gaat verder: “Wie dat kan zeggen, heeft nog geluk: bij veel mensen duurt dit gevoel langer dan maar één dag.”

Filosofie van de levenskunst
De Duitse filosoof Wilhelm Schmid (1953) is met de Nederlander Joep Dohmen een van de bekendste vertegenwoordigers van de moderne levenskunst. Eerder schreef hij o.a. ‘Handboek voor de levenskunst’, ‘De herontdekking van de liefde’ en ‘Geluk. En waarom het niet het belangrijkste in het leven is’. In een handzaam klein boekje herinnert hij ons nu eraan dat ‘ongelukkig zijn’ ook bij het leven hoort en dat we onszelf nog veel ongelukkiger maken, wanneer we dat proberen te ontkennen. Bijvoorbeeld door geforceerd gelukkig te zijn.

Herkenbare voorbeelden van pijn en ongeluk
In een prettig leesbare stijl neemt het boekje de lezer mee langs allerlei herkenbare voorbeelden van pijn en ongeluk. Van alledaagse tegenslag tot liefdesverdriet, van melancholie tot existentiële eenzaamheid, van depressieve gevoelens via een echte depressie tot gedachten om er een eind aan te maken. Hij laat zien dat het allemaal veel gebruikelijker is dan we onszelf in een optimistische kijk op de wereld graag voorspiegelen. En het gekke is, dat heeft iets weldadigs. Het onderkennen van narigheid en ellende maakt dit tegelijk minder afwijkend en een stuk gewoner. Het hoort erbij en het kan iedereen overkomen. Je hoeft er niet voor weg te kijken. Sterker nog, het maakt het leven voller en meer volledig. Het geeft zelfs extra glans aan het geluk dat je wél mag ervaren.

Een plaats voor ‘ongelukkig zijn’ in je leven
Om het ‘ongelukkig zijn’ een plaats te geven, moeten we niet wanhopig blijven zoeken naar geluk, zegt Schmid, maar we moeten vooral zoeken naar zin. En hij bespreekt uitvoerig waaraan we (in een wereld zonder vaste geloofsovertuigingen) nog steeds zin kunnen ontlenen.

Een boekje als dit zou je iedereen toewensen. Het telt nog geen tachtig bladzijden, je hebt het zo uitgelezen. Het helpt je om met beide benen op de grond te blijven staan. Om niet bang te zijn voor gêne of valse schaamte (niet tegenover anderen en niet tegenover jezelf), wanneer je weer eens last hebt van ‘negatieve gevoelens’. So what, het hoort er gewoon bij! Je kunt daar beter of slechter mee omgaan, maar je kunt ze niet uit het leven wegschrijven en mensen die dat wel proberen. Dáár moet je pas echt voor oppassen.

Tot zover niets dan lof en ik kan iedereen alleen maar aanbevelen dit boekje te lezen. Laat het volgende commentaar je daar niet van afhouden.

Filosofie zonder wetenschap
De moderne levenskunstfilosofie gaat terug tot de Grieks-Romeinse filosofie uit de Antieke tijd. Ze probeert om in eigentijdse taal, tegen een hedendaagse achtergrond, net zo direct als de filosofen dat vroeger deden, over het leven na te denken; en ons daarbij advies te geven. In die eeuwenoude traditie is een enorme levenswijsheid doorgegeven, die de moderne levenskunstfilosofen ons op een verrassend frisse toon, en met realistische aanpassingen aan de wereld van vandaag, weten door te geven.
Die wereld van nu, is ook een wetenschappelijke en grotendeels geseculariseerde wereld. Wilhelm Schmid volgt daarin de natuurwetenschappen door aan te nemen dat dingen als ziel, hiernamaals en ‘gene zijde’ niet meer bestaan. Maar wanneer het over gelukswetenschap gaat, doet hij die af in een paar zinnen (p. 28), waarin hij met een paar argumenten de beoefenaars ervan even denkt neer te zetten als amateurs. Ondertussen mag hij als filosoof van de levenskunst alles beweren wat hij maar wil, want hij hoeft dit tegenover geen enkele wetenschappelijke collega te verantwoorden.

Levenskunst is ook: weten wie je vrienden zijn
Je kunt als filosoof of als gewone burger best kritiek hebben op het wetenschappelijk onderzoek naar geluk (dat hebben wetenschappers onderling ook), maar ga dan een volwassen discussie aan, erken óók de verdiensten en doe ze niet af als kleuters. Ernstiger is het volgende: de filosofie van de levenskunst en de wetenschappelijke gelukspychologie komen voor een groot deel tot vergelijkbare levensadviezen. Deze twee gebieden zijn, ondanks een aantal verschillen, medestanders en geen tegenstanders. Ze zouden juist inzicht moeten ontwikkelen in de voor- en nadelen van elkaars methodes, elkaar moeten steunen en van elkaar moeten leren.
Niet voor niets heeft deze site als motto: ‘Over Levenskunst, Gelukspsychologie en Oosterse Wijsheid’. Dit zijn gebieden die, elk op hun eigen manier, ons inzicht in het leven verdiepen. Ze hoeven en zullen het niet altijd met elkaar eens zijn. (Ook zijn er vast nog meer verwante gebieden.) Maar weten wie je vrienden en je potentiële medestanders zijn, is óók een aspect van levenskunst.

Waar blijft de ‘levenskunst voor een mondiale samenleving’?
En dat brengt mij op een ander gemis. Hoewel hij talloze voorbeelden en adviezen geeft, meldt Schmid nergens de verdienste van het bewust zijn van je adem, van meditatie of van training in mindfulness. Zeg maar, de basics van vrijwel elke Oosterse traditie. Evenzo gaat hij niet of nauwelijks in op het geluk van soberheid of op de waarde van het ‘loslaten’. In deze tijd van mondiale samenhang blijkt de filosofie van de levenskunst, ondanks zijn wijsheid, verrassend cultuurgebonden.

Dit bericht is geplaatst in Boekbespreking, Geluksonderzoek, Levenskunst, Over de site, Psychologie, Tegenslag met de tags , . Bookmark de permalink.